|
Krantenartikel uit 1960
Krantenartikel over de Cannenburgher Boerendansers. Dit stond in de Schaarpan pers.blad van de Vulcanus 1960.
Deze keer valt het licht op de Cannenburgher Boerendansers, een groep die dank zij hard en toegewijd oefenen een mooie besteding van haar vrije tijd schiep. De Cannenburgher Boerendansers Een van de oudste manieren, waarop de mens uiting pleegt te geven aan zijn vreugde, is dunkt ons wel het dansen. En met dansen bedoelen wij dan natuurlijk niet het plotseling zich van de grond ver heffen onder het slaken van vreugdekreten zoals wij dit kunnen aanschouwen bij sportwedstrijden, als er een goede prestatie wordt geleverd. En ook niet het "moderne" dansen en als wij dit neerschrijven denken wij ogenblikkelijk aan Rock and Rol! en wat dies meer zij. Het dansen in zijn goede vorm zou men eigenlijk danskunst kunnen noemen, een danskunst met vaak uitgebreide en ingewikkelde figuren die moeten worden- uitgevoerd door verscheidene paren tegelijk onder de klanken van de toepasselijke muziek. Het is deze wijze van dansen, die ook beoefend wordt door de "Cannenburgher Boerendansers" uit Vaassen, een vereniging die enkele jaren geleden is opgericht. Wat was eigenlijk de aanleiding daartoe? Het bleek, dat de heer H. J. van 't Slot, voorzitter van de Vaassense VVV, eigenlijk de geestelijke vader van de Cannenburgher Boerendansers is. Hij werd op zijn reizen door:Zwitserland en Oostenrijk getroffen door het feit, dat men voor de vreemdelingen zogenaamde "dorpsavonden" arrangeerde. Hieraan werkten altijd groepen uit de eigen bevolking van soms kleine gemeenschappen mee. Toen hij zich afvroeg of dit in Vaassen ook mogelijk zou zijn, had hij in gedachten eigenlijk zelf de vraag al beantwoord. Zijn plan werd goed ontvangen en door anderen overgenomen. Het resultaat was dat in januari 1958 de Cannenburgher Boerendansers werkelijkheid werden. Aanvankelijk waren er 20 leden, de "club" is nu uitgegroeid tot 30 leden. Bij de oprichting zat natuurlijk de bedoeling voor het vreemdelingenverkeer in Vaassen te bevorderen, daarvoor was het idee geboren. De Cannenburgher Boerendansers vormden dan ook een onderdeel van de VVV. Tegenwoordig is de verhouding weliswaar wat veranderd, maar de binding met de VVV is toch nog wel erg groot, en dit is ook wel logisch omdat de behartiging van de plaatselijke belangen het voornaamste punt bleef. Nu kan men wel gemakkelijk besluiten een vereniging op te richten, maar de uitvoering is weer heel wat anders, vooral in het geval van de Cannenburgher Boerendansers. Immers, men keek al direct tegen een grote moeilijkheid aan, namelijk die van de costuums. Hoe moesten deze er uitzien en hoe er aan te komen? De kleding voor de "boeren" bleek niet zoveel moeilijkheden op te leveren als die voor de "boerinnen". Er werden zwarte pakken opgeschommeld, op de boerderijen nog in kasten en kisten opgeborgen; de pakken werden in verschillende gevallen bereidwillig afgestaan. U ziet de dansers dan bij hun optreden compleet met klepbroeken, boezeroens, front jassen en vesten. Als hoofddeksel dient een hoge zwarte pet, waarop een rood-geel rozet, de kleuren van Maarten van Rossum, heer van de Cannenburgh. Mooie witte klompen sieren de voeten, gestoken in eigengebreide zwarte kousen, en dit laatste geldt zowel voor de dansers als de danseressen.
De costuums voor de zwakke sekse, wat moest men daarmee aan? Dank zij het vernuft van de heer en mevr. Van 't Slot kwam ook deze zaak in orde. Er werd een costuum ontworpen, waarbij de werkkleding van de bevolking van de NoordoostVeluwe tot uitgangspunt diende. Het costuum bestaat uit een plooimuts, een zwart jak met korte mouwen, driekantige gekleurde schouderdoek, zwarte rok en een "stuksiesscholk" oftewel een blauw schort met bovenaan een geruit strookje. Ook van deze costuums kon men er opdiepen uit kisten en kasten, maar niet alles; wat ontbrak moest worden gemaakt. Een tijdrovende en ook wel kostbare geschiedenis, die dank zij de VVV (wat het kostbare aangaat) een goed einde kreeg. Als leider van de Cannenburgher Boerendansers fungeert de heer D. Bouwmeester, die wat boerendansen betreft, op ervaring kan bogen. Hij was gedurende lange tijd een van de Gorsselse Boerendansers. Zoals wij al zeiden verleent de groep uit Vaassen in de eerste plaats medewerking aan plaatselijke activiteiten, voorzover die op het gebied van de VVV liggen. Ook buiten de plaats heeft men echter de Cannenburgher Boerendansers ettelijke malen kunnen zien. Een grote eer viel de jonge vereniging in juni 1959 te beurt. Toen werd zij namelijk toegelaten tot de Federatie van Folkloristische Groepen in Nederland en deze stelt zeer hoge eisen.
|